Amsterdam, 6 december 1895
Amsterdam, 2 juli 1952
 
 
Sonate
1919
delen:
1. Allegro maestoso
2. Un poco allegretto
3. Adagio
4. Allegro molto e con fuoco
tijdsduur: circa 24′;
uitgever: Broekmans & van Poppel, Amsterdam z.j.*;
opgedragen aan Marix Loevensohn;
eerste uitvoering: Amsterdam, 13 september 1919 door Marix Loevensohn en Henriëtte Bosmans.
* Deze uitgave van de Sonate bevat een aantal evidente maar ook enkele minder opvallende fouten. Gebruik het contact-formulier van deze site om daar informatie over te vragen.
 
Trois Impressions
circa 1926
delen:
1. Cortège
2. Nuit calme
3. En Espagne
tijdsduur: circa 14′;
uitgever: Alsbach & Co, Amsterdam 1928;
opgedragen aan Gérard Hekking;
vindplaats: Nederlands Muziek Instituut, Muziekbibliotheek van de Omroep.
 
 

Henriëtte Bosmans was de dochter van de pianiste Sara Benedicts en de cellist Henri Bosmans. Haar moeder was tevens haar pianolerares. Haar vader, die mede-oprichter van het Amsterdams Conservatorium en een vooraanstaand cellist met een voorliefde voor kamermuziek was, overleed aan tuberculose toen Henriëtte nog geen jaar oud was. Het is wellicht voer voor psychologen dat uitgerekend de cello het dominante instrument in Bosmans’ eerste scheppingsperiode was: de Sonate (1919), een Poème (1920, manuscript; voltooid in een versie met piano, maar duidelijk bedoeld om georkestreerd te worden), een Nocturne voor harp en cello (1921), twee celloconcerten (1922, 1923), een Poème voor cello en orkest (1923) en de Trois Impressions (1926). Haar vaders cello stond trouwens midden in haar kamer. Maar natuurlijk heeft ook de aanwezigheid in haar leven van Frieda Belinfante en Marix Loevensohn daarin een rol gespeeld.
Vanaf het ogenblik dat Bosmans zich laat adviseren door Willem Pijper, wordt haar muziektaal compacter, polytonaliteit en polymetriek doen hun intrede en voor haar concertante werken kiest zij nu de piano, de fluit en de viool. Ook het fraaie Strijkkwartet stamt uit deze ‘tweede’ periode.
Tenslotte zal haar œuvre culmineren in de liederen die zij schrijft voor haar duo met de Franse zangeres Noémie Pérugia.
 
De Cellosonate is nog helemaal geschreven vanuit een romantische traditie, maar toch is hier, misschien voor het eerst in Bosmans’ œuvre, sprake van een persoonlijke taal, gedragen door een “grote emotionele gulheid” (Lex van Delden jr., zoon van de componist Lex van Delden, die met Bosmans bevriend was).
Het hoofdthema van het eerste deel, in a-klein, presenteert zich als een lange, weliswaar gepuncteerde maar toch vokale lijn in de cello, rustend op een obsessief ostinato (a) in de piano. Sowieso kan de behandeling van de cello zeer vokaal genoemd worden, maar vol mooie instrumentale timbres. De doorwerking is relatief kort en van een soort kortademige opwinding.
Het tweede deel, in fis-klein, heeft ook weer een zeer vokaal thema: een licht nostalgische melodie van tien maten, gedragen door een achtsten-beweging in de piano en onder te verdelen  als 3+3+4. De oneven maatgroepen creëren daarin een fraaie suggestieve sfeer.
Het derde deel, eveneens in fis-klein, laat een korte maar zeer hartstochtelijke melodie horen en blijkt uiteindelijk de opmaat tot het vierde deel, weer in a-klein. Het meest opmerkelijke aan dit deel is wel de opzwepende 5/4 maat èn, aan het einde, de terugkeer van het openingsthema van de sonate, hier nog geïntensiveerd in zijn melodisch spanningsboog.
 
De Trois Impressions zijn in de meest oorspronkelijke zin een drieluik, wat wil zeggen dat alles om het middentafereel draait. In het eerste deel hoort men een oosters aandoende stoet voorbijtrekken en het derde deel is een ongecompliceerde evocatie van Spanje. Het tweede deel is één lange melodie, prachtig geproportioneerd: helemaal Henriëtte Bosmans.
 
literatuur:
* Helen Metzelaar, Zonder muziek is het leven onnodig. Henriëtte Bosmans [1895-1952], een biografie (Walburg Pers, Zutphen 2002)
* Helen Metzelaar, ‘Henriëtte Bosmans – Nederlandse soliste van internationaal formaat’, in: Carine Alders & Eleonore Pameijer, Vervolgde componisten in Nederland (AUP, Amsterdam 2015)
* Toni Boumans, Een schitterend vergeten leven. De eeuw van Frieda Belinfante (Balans, Amsterdam 2015)
 
opnamen:
* Sonate & Trois Impressions: Doris Hochscheid en Frans van Ruth, zie Discografie
* Sonate & Nuit calme: Mayke Rademakers en Matthijs Verschoor, cat. nr. Quintone Q07002
* Sonate: Iris van Eck en Arielle Vernède, op Works for cello and piano by women composers, cat. nr. eroica JDT3302
 
 

(23 augustus 2014, geactualiseerd op 11 juni 2016)
 
 

luisterfragment Sonate:
 

 
 
luisterfragment Nuit Calme:
 
 

 

Componisten

Alkema, Henk

Harlingen, 20 november 1944
Utrecht, 4 augustus 2011

Appy, Ernest

Den Haag, 25 oktober 1834
Kansas City, 2 augustus 1895

Badings, Henk

Bandoeng (Java), 17 januari 1907
Maarheeze, 26 juni 1987

Bijvanck, Henk

Koedoes (Java), 6 november 1909
Heemstede, 5 september 1969

Bouman, Antoon

’s Hertogenbosch, 18 oktober 1854
Wassenaar, 23 maart 1906

Bunge, Sas

Amsterdam, 19 juli 1924
Utrecht, 17 juli 1980

Dispa, Robert

Sint-Pieters-Leeuw (België), 19 september 1929
Hengelo (O), 6 maart 2003

Frid, Géza

Máramarossziget (Hongarije, thans Roemenië), 25 januari 1904
Beverwijk, 13 september 1989

Godron, Hugo

Amsterdam, 22 november 1900
Zoelmond, 6 december 1971

Kes, Willem

Dordrecht, 16 februari 1856
München, 22 februari 1934

Ketting, Otto

Amsterdam, 3 september 1935
Den Haag, 13 december 2012

Lilien, Ignace

Lemberg (thans Lviv, Oekraïne), 29 mei 1897
Den Haag, 10 mei 1964

Mul, Jan

Haarlem, 20 september 1911
Haarlem, 30 december 1971

Osieck, Hans

Amsterdam, 25 januari 1910
Bloemendaal, 22 juni 2000

Stam, Henk

Utrecht, 26 september 1922
Suawoude, 9 december 2002

Witte, G. H.

Utrecht, 16 november 1843
Essen (D), 3 februari 1929