Dutch Cello Sonatas – CD 3

16,00

Matthijs Vermeulen (1888-1967): Sonate no.1 (1918) en Sonate no.2 (1927/38)
Jan Ingenhoven (1876-1951): Sonate no.1 (1919) en Sonate no.2 (1922)

2010, MDG audiomax 903 1955-6

CD van de week op R4
redactiekeuze in Opus Klassiek
***** in Audiophile Audition

Categorieën: , Tag:

Beschrijving

 
 
Recensies
 
 

“Wat de componisten Matthijs Vermeulen (1888-1967) en Jan Ingenhoven (1876-1951) met elkaar verbond was hun liefde voor Debussy en de oude Nederlandse polyfonisten. Op basis van deze twee inspiratiebronnen probeerden ze de Nederlandse muziek aan het begin van de twintigste eeuw van een hernieuwde identiteit te voorzien. Ondanks dit gezamenlijk streven, zijn de muzikale klankwerelden zeer verschillend. De hier gespeelde twee cellosonates van Ingenhoven zijn doortrokken van een grote sereniteit. Het rijk genuanceerde spel van kleurbrekingen roept associaties op met Debussy, waarbij de gelijktijdig voortvloeiende stemmen als individuele klanklagen subtiel over elkaar heen worden gelegd. Dit verzelfstandigen van de muzikale stemmen vinden we ook terug bij Vermeulen. Maar, anders dan bij Ingenhoven geven Vermeulen melodieën uitdrukking aan een vurige hartstocht, intense vreugde en optimisme. Dit horen we vooral terug in Vermeulens Tweede Cellosonate (1938) die, in ieder geval volgens pianist Frans van Ruth, tot de grote cellosonates sinds Debussy behoort. Samen met celliste Doris Hochscheid geeft hij een voortreffelijke lezing van dit weinig uitgevoerde repertoire. Dit derde deel in de serie Dutch Cello Sonatas vormt dan ook wederom een hartstochtelijk pleidooi voor de muzikale parels uit de Nederlandse celloliteratuur”.

JWvR (Muziekweb, december 2010)
 
 

“Het zal u niet verwonderen dat Vermeulen een sterk ethische waarde aan muziek toekent. Zo stelde hij zich met zijn composities ten doel: Verheffing van de mens. Opwekking van de poëtische musische gesteltenis, de verruktheid, de creatieve geneigheid, die bij elk mens virtueel zij het latent aanwezig zijn. Hogere bewustwording, verheerlijking van aarde, wereld en mens. Transfiguratie van de gelokaliseerde mens in universele, kosmologische mens. In deze steekwoorden vatte Vermeulen de kenmerken van zijn muziek samen. Dat is waarlijk geen eenvoudig streven! Het vergt veel van musici om dit streven te realiseren bij het uitvoeren van Vermeulens muziek. Dat het celliste Doris Hochscheid en pianist Frans van Ruth in zo hoge mate gelukt is bij het vastleggen van Vermeulens twee cellosonates is bijzonder toe te juichen”.

Ton Braas (e-magazine van de Matthijs Vermeulen Stichting, januari 2011)
 
 
“Alleen bij herhaald luisteren geeft zijn [Ingenhovens] muziek zijn persoonlijk karakter prijs. … Dat de luisteraar dat wil, is te danken aan de schitterende musici die elke overweging over speelstijl irrelevant maken. Elke componist zou blij zijn met hun pleidooi waarin warmbloedigheid uitstekend is gedoseerd. En wat te denken van het feit dat een prachtige serie met Nederlandse muziek verschijnt bij de oosterburen?”

Emanuel Overbeeke (Luister, maart-april 2011)
 
 
“Twenty years separate his [Vermeulen’s] two sonatas, and though the First (1918) is a tremendous piece of music, energetic and about as optimistic in tone as you could ask for; the Second, finally reaching completion in 1938, is sublime. Its polyphonic ecstasy and incredible emotional content grab ahold of you from the first bar and simply won’t let go”.

(Audiophile Audition, 2011)